Over ISEE

In 1973 werd heel Noord-Afrika geteisterd door een grote hongersnood. De internationale gemeenschap zette de Sahel-actie op. Ook Ethiopië lag binnen het door de hongersnood getroffen gebied.

De toenmalige Ethiopische Keizer, Haile Selassie, ontkende krachtig dat zijn land door de hongersnood getroffen zou zijn. Door deze bewering werd de internationale gemeenschap op het verkeerde been gezet en werd er door internationale hulporganisaties nauwelijks hulp geboden aan dit land en haar bevolking.

Twee Urker vrouwen zagen op televisie beelden van de Ethiopische hongersnood. Ze gingen op zoek naar hulporganisaties die in Ethiopië werkzaam waren, maar door de houding van de Keizer waren die er bijna niet. 

De beide vrouwen besloten toen zelf naar Ethiopië te gaan; ze liftten mee met een voedseltransport en kwamen in een hongerkamp terecht, waar ze verschrikkelijke beelden zagen. Op hun vraag wat zij konden doen werd geantwoord dat voedsel sturen te laat zou komen, maar dat na afloop van de hongersnood vele wezen in de kampen zouden achterblijven. Wellicht kon iets voor hen gedaan worden.

Kerst 1973 werden collectebussen bij diverse kerken neergezet en dat jaar kwam er 6.000 gulden binnen waarmee een weeshuisje werd opgezet.

In de loop der jaren breidde het werk zich uit over meerdere kindertehuizen, ziekenhuisjes, scholen, sociale projecten, etc.

Al gauw werd tweedehands kleding ingezameld en verzonden. De meeste fondsen kwamen van particulieren. Op een zeker moment verzond de stichting per jaar maar liefst 40 containers (1200 kubieke meter) met kleding en andere materialen!

In 1976 werd de werkgroep omgezet in een stichting: de Interkerkelijke Stichting Ethiopië.

Een bestuur werd gevormd. Een dagelijks bestuur te Urk en een algemeen bestuur met mensen voornamelijk afkomstig uit de noordelijke provincies.

In Ethiopië had men inmiddels vernomen dat Urk een vissersplaats was en er werd gevraagd bij een rivier te kijken of er mogelijkheden waren tot visserij. In de loop der jaren werd het werk uitgebreid met kleinschalige visserijprojecten. Inmiddels is ISEE aan de meeste grote meren wel actief of actief geweest.

In 1992 werd Eritrea onafhankelijk van Ethiopië en de naam van de stichting werd Interkerkelijke Stichting Ethiopië/Eritrea. Op deze wijze kon de Stichting hetzelfde gebied blijven bestrijken.

In de tussentijd namen ook landbouwdeskundigen zitting in het bestuur van de stichting en sindsdien worden ook landbouwprojecten uitgevoerd.

Na 1995 gingen beide landen belasting heffen op de import van goederen, vooral tweedehands kleding. In de jaren daarvoor werd jaarlijks 200 ton kleding per jaar verzonden. Sindsdien is de transport van goederen gedaald tot een minimum. Alleen goederen die direct bijdragen aan een structurele verbetering kunnen vrijgesteld worden van invoerrechten. Alleen in overleg worden nog goederen verstuurd.

De hulp bestaat sinds 1995 vooral uit het verstrekken van fondsen en kennis.

In 1997 is de bestuursstructuur gewijzigd. Er is een vijftal commissies die de dagelijkse taken uitvoeren. Iedere commissie heeft een vertegenwoordiging in het bestuur.

Nog ieder jaar wordt op Urk (en in het naburige Tollebeek) de Kerstcollecte gehouden. In één uur tijd wordt door de Urker bevolking op Eerste Kerstdag al jarenlang een bedrag van ruim 100.000 euro bijeengebracht!